Slechts € 0,00 tot gratis verzending — bestel nu en bespaar op verzendkosten

Impactrapportage in de horeca: uitleg en aanpak voor 2026

Café-eigenaar verwerkt de gegevens voor het impactrapport

Een impactrapportage laat met cijfers zien wat je horecazaak doet met milieu, mensen en geld: hoeveel energie je gebruikt, hoeveel eten en verpakking je weggooit, wat je inkoopt en hoe je met personeel omgaat. De meeste restaurants, cafés en cateraars in Nederland zijn daar wettelijk niet toe verplicht. Toch krijg je er steeds vaker mee te maken, omdat grote opdrachtgevers en partners om je cijfers vragen. In deze uitleg lees je wat een impactrapportage is, wanneer je moet rapporteren en wanneer je dat vrijwillig doet, welke cijfers ertoe doen en hoe je in een paar weken je eerste rapport opbouwt. Wegwerpartikelen zijn daarbij het makkelijkste begin.

Earthsaverstraws
Begin met minder wegwerpplastic
Plant-based rietjes bieden een praktische stap om wegwerpplastic in je horecazaak te verminderen en je impact inzichtelijk te maken.

Wat een impactrapportage is, en wat niet

Veel ondernemers horen “impactrapportage” en denken aan een dik jaarverslag voor beursbedrijven. Dat is de verplichte variant. In de kern is impactmeting iets veel praktischers. Volgens Lefebvre Sdu is impactmeting vooral een strategisch hulpmiddel: je beoordeelt er je prestaties mee, je ziet waar je kosten weglekken (zoals verspilling) en je ziet waar je staat in de keten.

Voor een horecazaak komt het neer op drie vragen:

  • Wat gaat erin? Energie, water, ingrediënten, verpakkingen, disposables.
  • Wat komt eruit? Restafval, voedselresten, uitstoot, maar ook banen, opleidingsplekken en tevreden gasten.
  • Wat verandert er door jouw keuzes? Minder kilo restafval na een overstap, een lager energieverbruik na een nieuwe koeling, meer plantaardige gerechten op de kaart.

Een impactrapportage is dus geen marketingverhaal. Wie “wij zijn duurzaam” schrijft zonder cijfers, rapporteert niets. Wie schrijft “we gebruikten in het derde kwartaal 18% minder wegwerpplastic dan in het eerste”, wel.

Moet je zaak rapporteren? CSRD, VSME en ketendruk

De CSRD geldt vooral voor de grootste bedrijven

De Europese duurzaamheidsrichtlijn CSRD is in 2025 en 2026 flink afgeslankt. De Europese Commissie stelde eerst een “stop the clock”-maatregel voor die rapportageplichten met twee jaar uitstelde. Daarna volgde de inhoudelijke vereenvoudiging: de herziene rapportagestandaarden (ESRS) schrappen ruim 60% van de verplichte datapunten en ruim 70% van alle datapunten. De verplichting richt zich nu op de grootste ondernemingen, met meer dan duizend medewerkers. Een zelfstandig restaurant, een lunchroom of een middelgrote cateraar valt daar vrijwel altijd buiten.

CSRD-uitstel, datapunten en bedrijfsgrens in cijfers

Voor het mkb: de vrijwillige VSME-standaard

Op 3 juli 2026 heeft de Commissie naast de herziene ESRS ook een vrijwillige rapportagestandaard voor kleinere bedrijven vastgesteld, de VSME. Die standaard is gemaakt voor bedrijven zoals het jouwe: een vaste, beperkte set gegevens die je kunt aanleveren zonder een afdeling duurzaamheid.

Waarom je toch gevraagd wordt

Hier zit de echte reden dat het onderwerp de horeca bereikt. Grote bedrijven die wel moeten rapporteren, hebben gegevens nodig over hun hele keten, ook over hun leveranciers. Denk aan de bedrijfscateraar van een kantoorcomplex, het restaurant in een hotel van een grote keten of de foodtruck die op een festival van een groot evenementenbureau staat. Ondernemersplein wijst erop dat mkb-bedrijven via hun afnemers met de CSRD te maken krijgen. De VSME werkt daarbij als bescherming: zij bepaalt in grote lijnen hoeveel een grote klant van een kleine leverancier mag vragen. Wie zijn cijfers volgens die standaard op orde heeft, hoeft niet bij elke nieuwe opdrachtgever een andere vragenlijst van nul in te vullen.

Dat geldt net zo goed voor cateraars die bruiloften, bedrijfsfeesten en culturele evenementen verzorgen. Bij cateringopdrachten voor zakelijke events en grote feesten vraagt een zakelijke opdrachtgever steeds vaker hoe het eten, de verpakking en het afval geregeld zijn, ook als de cateraar zelf nergens toe verplicht is.

Wat je meet: de vijf onderdelen van een horecarapportage

Een goede rapportage voor een horecazaak hoeft niet ingewikkeld te zijn. Begin met vijf onderdelen en kies per onderdeel twee of drie kengetallen die je echt kunt bijhouden.

Onderdeel Voorbeelden van kengetallen Waar haal je de data vandaan?
Energie en water kWh en m³ gas per maand, m³ water, verbruik per couvert Energiefactuur, slimme meter
Voedsel en verspilling kilo weggegooid voedsel per week, aandeel plantaardige gerechten Weegschaal bij de afvalbak, kassasysteem
Verpakkingen en disposables stuks rietjes, bekers en bestek per maand, aandeel plantaardig of composteerbaar Inkoopfacturen, voorraadtelling
Afval kilo restafval, aantal containerledigingen, gescheiden stromen Factuur afvalinzamelaar
Mensen aantal medewerkers, verloop, opleidingsplekken, uren training Personeelsadministratie

Laat die cijfers aansluiten op de kengetallen die je al gebruikt voor je bedrijfsvoering. In de kengetallen voor de horeca van Horecasupport staan cijfers als omzet per gast, brutomarge per productgroep en voorraadrotatie, die je dagelijks, wekelijks of per kwartaal volgt. Een impactcijfer per couvert, zoals gram verpakking per gast, past daar precies naast. Dan wordt duurzaamheid geen apart project maar een extra kolom in het overzicht dat je toch al bekijkt.

Voor de omzetkant is het handig om je eigen cijfers naast de markt te leggen. Het CBS meldt dat de horeca-omzet in het tweede kwartaal van 2026 met 2,2% groeide, met 3,5% groei bij eet- en drinkgelegenheden en een daling van 0,9% bij logiesverstrekkers. Groeit je zaak harder dan je afval, dan gaat je impact per gast omlaag. Dat is precies het soort conclusie dat een opdrachtgever wil zien.

Maatschappelijke impact telt ook mee

Werk je met leerlingen, statushouders of mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt? Dan hoort dat in je rapport. Uit de case van een sociale onderneming op Doe Goed Met Data blijkt dat je daarvoor niet alleen telt hoeveel mensen instromen, maar ook bijhoudt hoe het ze na het traject vergaat. Een vast opleidingsplan zorgt dat die kwaliteit niet afhangt van één manager.

Voedselveiligheid als basis

Duurzaamheidsdata en voedselveiligheid lopen in de keten steeds meer door elkaar. Een voedselveiligheidsplan is wettelijk verplicht: de Rijksoverheid controleert of bedrijven zo’n plan opstellen en de regels voor voedselbereiding naleven. Grote afnemers zien je HACCP-dossier en je duurzaamheidscijfers steeds vaker als één pakket. Kies je nieuwe disposables, vraag dan ook om bewijs dat ze geschikt zijn voor contact met voedsel.

Disposables: het makkelijkste begin

Van alle onderdelen zijn wegwerpartikelen het eenvoudigst te meten. Je koopt ze in stuks in, de aantallen staan op je factuur en elke overstap zie je meteen terug in je cijfers. Energie en voedselverspilling vragen om meters, weegschalen en discipline. Voor rietjes, bekers en bestek heb je alleen je inkoopadministratie nodig.

Zo maak je het meetbaar:

  • Tel per productgroep, niet per leverancier: rietjes, bekers, deksels, bestek, bakjes, servetten.
  • Leg het materiaal vast: conventioneel plastic, papier, bamboe, plantaardig of composteerbaar.
  • Reken terug naar gasten: stuks per 100 couverts of per 100 verkochte drankjes. Dan vergelijk je een drukke zomer eerlijk met een rustige winter.
  • Bewaar de certificaten: een opdrachtgever wil weten waarop je claim rust, niet alleen wat je claimt.

Welke alternatieven er per productgroep zijn, lees je in ons overzicht van duurzame disposables voor elke horecazaak. Wil je eerst de grootste plasticstromen aanpakken, gebruik dan het stappenplan om single-use plastics te vermijden.

In zes stappen naar je eerste impactrapport

Je hebt geen adviseur nodig om te beginnen. Deze route werkt voor een café, een restaurant en een cateraar.

  1. Kies je meetperiode. Neem een kwartaal als basis. Een maand is te kort voor seizoensinvloeden, een jaar is te lang om snel bij te sturen.
  2. Haal de nulmeting uit je administratie. Energiefacturen, inkoopfacturen van disposables en de factuur van je afvalinzamelaar leveren samen al een groot deel van de tabel hierboven op.
  3. Kies per onderdeel maximaal drie kengetallen. Liever vijf cijfers die je elk kwartaal echt bijhoudt dan twintig die na drie maanden stilvallen.
  4. Automatiseer wat kan. Veel zaken werken nog met losse Excel-lijstjes. Volgens onderzoek van Wageningen University & Research naar de cateringsector vult nu elke organisatie haar dataverzameling op eigen wijze in, en is een uniforme methode nodig om prestaties betrouwbaar te volgen. Vraag je groothandel en leveranciers dus om digitale overzichten per productgroep.
  5. Stel één of twee doelen. Bijvoorbeeld: binnen zes maanden geen conventioneel plastic rietje meer, of 20% minder restafval per couvert.
  6. Schrijf het rapport op één A4. Een korte inleiding, de tabel met je kengetallen, wat je hebt veranderd en wat je volgend kwartaal gaat doen. Zet het op je website en stuur het mee met offertes.

Hoe meten in de dagelijkse praktijk ook kosten bespaart, zie je in deze gids over duurzaamheid in foodservice voor 2026: de cijfers die je verzamelt voor je rapport zijn dezelfde cijfers waarmee je verspilling en inkoop scherper stuurt.

Rekenvoorbeeld: een café met 400 drankjes per dag

Om te laten zien hoe zo’n rapport eruitziet, nemen we een bedacht voorbeeld. De getallen zijn ter illustratie en geen gemiddelde uit onderzoek.

Een café in Rotterdam schenkt gemiddeld 400 drankjes per dag, zes dagen per week. Ongeveer een kwart gaat met rietje de deur uit: frisdrank, ijskoffie, cocktails. Dat zijn zo’n 100 rietjes per dag, 600 per week en ruim 7.500 per kwartaal.

Kengetal Kwartaal 1 (nulmeting) Kwartaal 3 (na overstap)
Rietjes ingekocht 7.800 6.900
Waarvan conventioneel plastic 0 (al vervangen door papier) 0
Waarvan papier 7.800 0
Waarvan plantaardig 0 6.900
Rietjes per 100 drankjes 25 22
Klachten over doorweekte rietjes regelmatig geen

Twee dingen vallen op. Het aantal rietjes per 100 drankjes daalt, omdat het personeel alleen nog een rietje geeft als de gast erom vraagt of als het drankje erom vraagt. En de overstap van papier naar plantaardig levert in dit voorbeeld een rapport op dat niet alleen over materiaal gaat, maar ook over minder dubbel gebruik: wie een rietje krijgt dat niet slap wordt, vraagt geen tweede. In het rapport schrijft de eigenaar dan drie zinnen: wat er is veranderd, wat het cijfer doet en wat het volgende doel is.

De afwegingen tussen materialen zetten we uiteen in bamboe, papier of plantaardig: wat is het beste rietje?

Valkuilen die je rapport onderuithalen

  • Vage termen zonder bewijs. “Milieuvriendelijk” en “groen” zeggen niets. Noem het materiaal en bewaar het certificaat.
  • Alleen absolute cijfers. Meer gasten betekent meer afval. Reken altijd terug naar couverts of drankjes, anders lijkt groei op achteruitgang.
  • Elk jaar andere kengetallen. Een rapport krijgt pas waarde als je kunt vergelijken. Houd dezelfde meetwijze aan, ook als je later uitbreidt.
  • Data die op één persoon leunt. Als alleen de bedrijfsleider weet waar de cijfers staan, stopt de meting bij zijn vakantie. Leg vast wie wat wanneer bijhoudt.
  • Composteerbaar roepen zonder afvalroute. Vertel ook hoe je het afval scheidt en wie het ophaalt. Een opdrachtgever vraagt daarnaar.
  • Te veel tegelijk willen. Begin met disposables en energie. Voedselverspilling en sociale impact voeg je toe als de basis staat.

Hoe wij naar impactrapportage kijken

Wij leveren elke dag aan restaurants, cateraars en evenementenorganisatoren, en we merken dat de vraag aan onze klanten verandert. Vroeger vroeg een opdrachtgever: gebruiken jullie geen plastic rietjes meer? Nu vraagt hij: kun je aantonen wat je gebruikt, en waar rust die claim op? Daarom vinden we transparantie over materiaal net zo belangrijk als het product zelf. Onze plantaardige rietjes zijn 100% plantaardig, biologisch afbreekbaar en gecertificeerd en getest door TÜV Rheinland in Duitsland. Die onderbouwing kun je één op één in je rapport opnemen.

Onze overtuiging is simpel: kleine, bewuste keuzes tellen samen op tot een grote impact. Een rietje lijkt een detail, maar het is ook een van de weinige onderdelen van je bedrijfsvoering die je in één week omzet, die je gast direct ziet en die je tot op het stuk kunt meten. Voor veel van onze klanten is het de eerste regel in hun eerste impactrapport, en daarna volgen bekers, bestek en de rest vanzelf. We adviseren ondernemers dan ook om niet te wachten tot een opdrachtgever erom vraagt. Wie nu begint te tellen, heeft over een jaar een verhaal met cijfers, en dat is precies wat het verschil maakt bij een aanbesteding of een nieuw evenement.

— Roy

Klaar om je eerste cijfer te verbeteren?

Wil je de overstap op disposables meteen in je volgende kwartaalcijfers zien? Onze plantaardige rietjes zijn er vanaf € 5, in stevige uitvoeringen voor warme dranken en flexibele voor koude cocktails. Ze zijn smaakloos, worden niet slap en worden vanuit Nederland snel geleverd, ook in bulk. Twijfel je welke uitvoering bij je zaak past? Vraag een gratis proefpakket aan en test ze eerst achter je eigen bar. Bestek dat erbij past vind je bij onze composteerbare bestekset.

Veelgestelde vragen

Is een impactrapportage verplicht voor mijn horecazaak?

Voor bijna alle horecazaken niet. De Europese rapportageplicht onder de CSRD geldt na de vereenvoudiging alleen nog voor de grootste ondernemingen. Wel kan een grote opdrachtgever, zoals een hotelketen, kantoorcomplex of evenementenbureau, in een contract om duurzaamheidsgegevens vragen.

Wat is het verschil tussen CSRD en VSME?

De CSRD is de verplichte Europese richtlijn voor grote bedrijven, met uitgebreide standaarden (ESRS). De VSME is een vrijwillige, eenvoudigere standaard voor kleinere bedrijven. Gebruik je de VSME, dan lever je een vaste set gegevens aan en voorkom je dat elke klant een eigen vragenlijst stuurt.

Hoeveel tijd kost een eerste rapport?

Dat hangt af van hoe je administratie is ingericht. Als je facturen digitaal beschikbaar zijn, kun je met een paar uur per kwartaal een nulmeting en een eerste overzicht van één A4 maken. Het meeste werk zit in de eerste keer; daarna vul je dezelfde tabel aan.

Met welk onderdeel begin ik het best?

Begin met disposables en energie. Die cijfers staan al op je facturen en elke verandering zie je meteen terug. Voedselverspilling en sociale impact voeg je toe zodra je een vaste routine hebt.

Kan ik plantaardige rietjes in mijn rapport opnemen als verbetering?

Ja, als je het onderbouwt. Noteer hoeveel stuks je per kwartaal inkoopt, welk materiaal je vervangt en welk certificaat erbij hoort. Onze rietjes zijn getest en gecertificeerd door TÜV Rheinland, en dat kun je als bewijs vermelden.

Bronnen

Aanbevelingen